Zoeken naar wijsheid

Mohammed, grondlegger van de Islam

Het ontstaan van de islam

De namen van godsdiensten verwijzen dikwijls naar een persoon of een land dat bij het ontstaan van de stroming een belangrijke rol heeft gespeeld. Het christendom draagt de naam van Jezus Christus, het boeddhisme ontleent z’n naam aan Gautama Boeddha; het Jodendom ontleent z’n naam aan Juda, een stam in het land Judea. Dat is bij de Islam niet zo – de naam verwijst niet naar een grondlegger of volk of land. Moslims beschrijven het zo: “De naam Islam beschrijft een eigenschap van mensen. Het woord betekent: ‘onderwerpen’. Zij die zich onderwerpen aan de enige God zijn moslims”.

Mohammed in Mekka

Mohammed leefde van 570-632. Hij werd geboren in Mekka als zoon van Abdullah en Aminah, leden van de verarmde Hasjim-stam. Al vroeg was hij wees en hij verdiende wat geld als herdersjongen, totdat de rijke weduwe Khadija hem kameeldrijver maakte en later te leider van haar handelskaravanen. Hij trouwde met haar toen hij 25 jaar oud was.

Mekka was een handelsstad en reizigers uit vele landen ontmoetten daar elkaar. In de stad was een vierkant heiligdom, genaamd de Kaäba. In dit heiligdom en in de omgeving ervan werden honderden afgoden vereerd. Dit ging gepaard met een enorme corruptie en immoraliteit.

Mohammeds visioenen

Maar dit veranderde toen Mohammed, ongeveer veertig jaar oud, een nieuwe boodschap begon te prediken: de mensen moesten nog maar in één god geloven. Zijn leven was veranderd door de visioenen die hij had in een grot in de omgeving van Mekka, waar hij zich af en toe terug trok om te mediteren. Aanvankelijk geloofde alleen zijn vrouw, dat hij werkelijk een profeet was.
Hij fulmineerde in zijn prediking vooral tegen onrecht en immoraliteit en hij stond aan de zijde van de zwakken in de samenleving tegen de rijken en machthebbers van de stad. Hij riep hen op om de ene en waarachtige God te vrezen, wiens oordeel vast en zeker over alle mensen zou komen.

De hidjrah

Op den duur voelden degenen die de Kaäba bestuurden zich bedreigd. Omdat ze vreesden hun winstgevende business kwijt te zullen raken, begonnen ze Mohammed en zijn volgelingen, meest familie en enkele vrienden, te vervolgen.
Mohammed en zijn volgelingen, zijn vrouw was inmiddels overleden, besloten Mekka te verlaten en te vluchten naar Jathrib, een stad die bekend zou worden onder de naam Madinat an-Nabi, de stad van de profeet, wat afgekort werd tot Medina.
Deze emigratie (hidjrah) vond plaats in het jaar 622 en bleek later van vitaal belang voor de uitbreiding van de Islam. Daarom maakte kalief Omar het later tot het officiële begin van de islamitische kalender.

In Medina was Mohammed niet langer het voorwerp van spot en tegenstand, maar hij werd erkend als leider in religieuze, sociale en militaire aangelegenheden. De moslims werden belangrijke en invloedrijke personen in Medina.

Terug naar Mekka

In het jaar 8 na de Hidjrah keerde Mohammed met een leger terug naar Mekka, dat hij gewapenderhand innam. Maar hij deed het op een slimme manier, waardoor hij de inwoners van de stad verleidde om de Islam te omarmen. Het werd hun makkelijk gemaakt doordat Mohammed heet vierkante heiligdom als bedevaartsplaats voor de islam aanwees.

Vanaf dit moment veranderde zijn leven. Hij handhaafde weliswaar een eenvoudige levensstijl, maar hield er wel een harem op na. Dat hij meer vrouwen had dan hij zijn volgelingen toestond, werd gerechtvaardigd door speciale openbaringen. Op 8 juni 632 stierf hij in de armen van Aisja, zijn favoriete vrouw, de dochter van zijn opvolger Abu Bakr.

Schuiven naar boven